“Het is een boodschappenhondje maar als je richting Oude Wielinga loopt, begint ze te sjouwen en is het een echt Amerikaantje”. Kwaliteitsmanager Kees Tinga vertaalt het graag voor je.

Net als veel andere beroepen hebben geleidehondeninstructeurs hun eigen specifieke taalgebruik. Bovenstaande zin zal voor de meeste mensen abracadabra zijn maar al onze instructeurs weten precies wat er mee bedoeld wordt. Een boodschappenhond is het Nederlandse equivalent van het Amerikaanse ‘mailboxdoggy’ . Dit is een brave hond die in een rustig tempo zijn taken uitvoert en die over het algemeen ingezet wordt bij mensen met een eenvoudig werkaanbod.

Oude Wielinga bestaat alleen nog in KNGF-wereld

Sla het stratenboek van Amsterdam er op na, Wielinga en zeker oude Wielinga zal je niet vinden. Maar zet een willekeurige KNGF-instructeur achter het stuur van een trainingsbus en ik weet zeker dat iedereen je naar dezelfde plaats brengt als je de locatie noemt. Deze naam refereert aan een voormalig tuincentrum in Amsterdam. De directeur heette meneer Wielinga en hij droeg KNGF een warm hart toe. Als voorzitter van de winkeliersvereniging en bestuurslid van de plaatselijke Lions Club organiseerde hij sponsorevenementen voor het geleidehondenfonds. Cliënten en instructeurs waren altijd welkom in de koffiehoek van zijn zaak om op adem of op temperatuur te komen. En dan vergeet ik nog te vertellen dat hij ook nog een groot hondenliefhebber was. Meneer Wielinga is enkele jaren geleden overleden, het tuincentrum is allang verplaatst maar het park wat er overbleef, staat binnen KNGF nog steeds bekend als de ‘Oude Wielinga’.

Een sjouwende hond is niet wat je denkt

Sjouwen is niet zomaar sterk leidinggeven, maar het ongecontroleerd hard trekken van een geleidehond. Niet zo gek dat de hond in deze zin hard trekt, hij gaat immers richting het park. Zie de afbeeldig onderaan deze pagina.

En tot slot het Amerikaantje. Wat heeft de nationaliteit van een hond te maken met het werk van een geleidehond? Toen de eerste honden vanuit de VS geïmporteerd werden, meenden wij een verschil te bemerken met de honden die hun ‘roots’ in Nederland of Engeland hadden liggen. Honden uit Amerika waren in staat zich af te sluiten voor de omgeving en als trainer of instructeur moest je alles uit de kast halen om goed contact te krijgen. Tegenwoordig heeft dit gedragskenmerk niets meer met het land van oorsprong te maken maar is de term ‘Amerikaan’ nog zeer gangbaar en een ieder van ons begrijpt wat voor type hond je voor je hebt.

Vaktaal moet wel begrijpelijk blijven

Natuurlijk is het helemaal niet erg om onderling in een soort jargon te spreken maar toch moet je er als professional voor waken dat je ook de juiste terminologie blijft gebruiken. Bij het doorlezen van de maandelijkse hondenrapportages zit ik niet met een rood potlood in de aanslag maar probeer ik toch ervoor te zorgen de omschrijvingen begrijpelijk te houden voor iedereen. Want laten we nu eerlijk zijn: heeft iemand een idee waar een geleidehond mee bezig is als hij ‘wiebelt’?

historische zwart-wit-foto met man en hond in tuig die flink trekt

Onze website gebruikt cookies